De dynamiek van televisie en muziek brengt artiesten vaak op onverwachte plekken, en voor sommigen is de drang om te blijven creëren niet minder geworden met de jaren. Koen Wauters, bekend van Clouseau en als presentator van populaire televisieprogramma’s, is een van die mensen die nog altijd hongerig is naar nieuwe ervaringen en uitdagingen.

Terwijl de camera’s draaien en de lichten fel schijnen op het podium van Got Talent, blijft er achter de schermen veel te vertellen over de reis die hij heeft afgelegd.
Het succes van de Vlaams-Nederlandse coproductie van Got Talent heeft de afgelopen maanden voor een druk reisschema gezorgd voor Koen. De opnames vonden plaats in Aalsmeer, wat betekende dat hij regelmatig in Nederland te vinden was.
‘RTL is nooit gestopt met Got Talent te maken, dat is een geoliede machine, dus het was logisch dat de opnames in Nederland gebeurden,’ licht Koen toe. Vroege ochtenden en lange dagen waren het gevolg.
Toch kijkt hij daar niet met tegenzin op terug. ‘Je weet dat ik graag in een wagen vertoef, hè,’ grapt hij, verwijzend naar zijn liefde voor autorijden.
De aanwezigheid van Koen in Nederland bleef echter niet beperkt tot de Got Talent-studio’s. Ook voor Beste Zangers werden in Nederland opnames gemaakt, wat hem de kans bood om vaker in de Nederlandse media te verschijnen.
‘Ik heb er ook héél veel interviews gegeven en dat heeft er allemaal voor gezorgd dat we daar weer wat meer in the picture zijn gekomen.
Want zo werkt het als je ergens voet aan de grond wilt krijgen: je móét er werkelijk aanwezig zijn.’ Deze zichtbaarheid is volgens Koen cruciaal, zeker voor Vlaamse artiesten die proberen naam te maken over de grens.
De uitdaging voor Vlaamse artiesten in Nederland
Het blijft volgens Koen lastig voor artiesten uit Vlaanderen om zich echt te vestigen in Nederland. ‘Het is vechten voor een plaatsje inderdaad. Pommelien Thijs heeft er wel goede stappen gezet, en Metejoor ook, denk ik, maar toch zijn ook zij er nog niet echt gevestigde waarden.
Wij waren dat wél in de jaren 90, maar daarna viel er een groot gat.’ In die periode waren Nederlandstalige acts schaars; bands als Doe Maar waren net gestopt en veel artiesten kozen voor Engelse teksten.
Inmiddels ziet Koen dat jonge artiesten er vaker voor kiezen om in hun eigen taal te zingen. Toch blijft het voor Vlamingen een uitdaging, want Nederland kent inmiddels een groot aanbod van Nederlandstalige artiesten.
Voor Clouseau biedt deelname aan een programma als Beste Zangers een mooie kans. ‘We hebben in het verleden een paar keer moeten weigeren, omdat er altijd iets tussenkwam, maar nu is het er eindelijk van gekomen.
Dat is een zeer goed bekeken programma en daar gaan we zeker de positieve gevolgen van ondervinden.’ De toekomstplannen zijn dan ook ambitieus: ‘Eind februari en maart 2027 gaan we op tournee in Nederland. En daarna komen de zomerfestivals.’
Het begin van Clouseau: vrije podia en rock-’n-roll
Koen blikt terug op de begindagen van Clouseau, waarin het circuit van de vrije podia een belangrijke rol speelde. ‘Vroeger was er elk weekend, in élke parochiezaal en in élk jeugdhuis van Vlaanderen, ergens wel een vrij podium waarop amateurs hun ding konden doen.
Ik vond dat supertof. Er was altijd een leuke ambiance en je leert er als artiest heel veel bij. Ik denk niet dat dat nog bestaat.’ Volgens hem zijn de tijden veranderd en heeft de gsm het vrije podium vervangen: ‘Je doet je ding, je neemt het op en gooit het op het internet. En wieweet, gebeurt er iets.’
Toch mist Koen de charme van vroeger. ‘Met gelijkgestemden in een camionette op pad gaan, er is niets plezanter dan dat. Zelf alles opstellen en afbreken, echt het vak leren, met alles erop en eraan.
En fouten maken! Vooral dat.’ Hij wijst erop dat jonge artiesten tegenwoordig vaak sneller de beschikking hebben over een platenfirma, boekingsagent en manager als ze aan een talentenjacht meedoen, maar dat de ervaring van het zelf opbouwen van een carrière iets bijzonders heeft.
Talentenshows en eigen ervaringen
Op de vraag of Koen, als hij nu twintig zou zijn, zou deelnemen aan een talentenjacht als Got Talent, reageert hij positief. ‘Ik denk het wel, ja. Uiteindelijk werden we geselecteerd voor de Baccarabeker, wat op zich ook een talentenjacht was.
Weliswaar in een andere structuur, met provincies die het tegen elkaar opnamen, maar we hadden ook een coach. Dus je kan het vergelijken met iets als The Voice. Onze coach was Raymond van het Groenewoud. Niet de minste.’
Zijn ervaringen in deze periode hebben hem gevormd, maar niet alles verliep zonder hobbels. Er was een moment tijdens de hoogtijdagen van Clouseau waarin Koen een pijnlijke ervaring opdeed, die hem uiteindelijk een waardevolle les opleverde.
‘We waren al aan de slag, in volle Clouseau-mania, toen we ergens vóór Raymond moesten optreden. Hij speelde na ons en een deel – een klein deel weliswaar – van zijn fans hielp ons optreden compleet om zeep door belachelijk te doen en te roepen.
Ze maakten bovendien niet alleen ons, maar ook onze fans belachelijk. Dat vond ik nog het pijnlijkst. Kortom, ik stapte met een heel slecht gevoel van het podium. Ik ging Raymonds kleedkamer binnen en vertelde hem wat er was gebeurd. Ik vroeg hem ook hoe hij daarmee zou omgaan.’
Een harde les van Raymond van het Groenewoud
Raymonds reactie was op het eerste gezicht kort en bondig: ‘Je moet je daar niet te veel van aantrekken en vooral je eigen ding blijven doen.’ Koen dacht aanvankelijk dat hij hier niet veel mee kon.
Maar toen hij Raymond richting het podium volgde, werd de boodschap ineens duidelijk.
In plaats van direct te beginnen met zijn set, nam Raymond zijn gitaar, liet zijn muzikanten wachten, en sprak in de microfoon: ‘Dit is voor alle losers die het concert van Clouseau om zeep hebben geholpen!’ Vervolgens begon hij ‘Trek het je niet aan’ te zingen.
Met een blik naar Koen werd de betekenis van zijn woorden plots helder: ‘Als je het podium opkomt, dan is dat podium van jou en van niemand anders. Jij bent de baas en voor de rest moet je je van niemand of niets iets aantrekken. Ik vond dat chic van hem.’
Het incident, dat Koen als het pijnlijkste moment uit zijn carrière beschouwt, groeide daarmee uit tot een harde, maar waardevolle les. Het leerde hem het belang van zelfvertrouwen en vasthouden aan zijn eigen pad, ongeacht de reacties van het publiek.
Advies aan jonge artiesten
Koen deelt deze inzichten nu graag met jonge artiesten. Zijn belangrijkste advies? ‘Schrijf! Je moet zoveel mogelijk schrijven, want een artiest is maar zo goed als de liedjes die hij schrijft.
Je mag nog zo’n goeie producer hebben of in een chique studio zitten, als je nummers niet goed zijn, dan kom je er niet.’ Koen benadrukt hiermee het fundament van een muzikale carrière en de rol van eigen creativiteit in het succes van een artiest.







