Dries Roelvink heeft dit jaar de pensioengerechtigde leeftijd bereikt, maar wie denkt dat hij nu rustig achteroverleunt, heeft het mis. Achter de bekende glimlach en de energieke optredens zit namelijk een heel andere drijfveer: angst. De zanger vertelt openlijk dat de gedachte aan de dood hem soms zo benauwt dat hij er paniek van krijgt.

Dries werd 67 en voelt dat als een kantelpunt. In een gesprek met Privé zegt hij dat hij zich bewust is van zijn leeftijd en van het idee dat het leven eindig is. En dat besef komt niet rustig binnen, maar hard. Hij omschrijft het alsof hij “in het voorportaal” staat, en juist dát maakt hem onrustig.
Een leeftijd die niet alleen maar vrijheid brengt
Voor veel mensen voelt pensioen als ruimte: minder moeten, meer mogen. Bij Dries werkt het anders. De nieuwe levensfase brengt hem niet alleen vrije tijd, maar ook een confronterend besef dat hij richting het laatste hoofdstuk van zijn leven beweegt.
Hij zegt dat hij er liever niet over praat, juist omdat het hem meteen beklemt. Tegelijk wil hij wél oud worden en alles doen om zo vitaal mogelijk te blijven. Gezondheid is voor hem dus niet alleen een lifestyle, maar ook een soort houvast.
Sporten als harnas tegen verval
Die behoefte aan grip zie je terug in zijn dagelijks leven. Zes dagen per week gaat Dries naar de sportschool. Het is een strak ritme dat hij niet zomaar loslaat, alsof routine hem beschermt tegen gedachten die hij liever wegduwt.
Daarnaast leeft hij naar eigen zeggen uiterst gezond. Niet omdat hij per se op uiterlijk jaagt, maar omdat hij het gevoel wil houden dat hij er alles aan doet. Fit blijven voelt voor hem als een actieve strijd tegen lichamelijk verval.

Dood gaan is eng, maar begraven nog enger
Hoewel Dries het onderwerp liever mijdt, heeft hij wél nagedacht over wat er na zijn overlijden moet gebeuren. Eén ding staat voor hem vast: hij wil niet bij zijn familie begraven worden. Niet uit afstand, maar uit angst.
Dries is claustrofobisch en vertelt dat het idee van een kist onder de grond hem letterlijk het angstzweet kan bezorgen. Cremeren ziet hij ook niet als iets prettigs, maar uiteindelijk heeft hij daar toch voor gekozen, omdat het minder beklemmend voelt.
Een jeugdherinnering die alles veranderde
Zijn angst voor de dood komt niet uit het niets. Als tiener werd Dries diep geraakt door het overlijden van Franklin Mulliers, een voetballer tegen wie hij opkeek. Franklin had een atletisch lichaam en werd voor Dries een soort voorbeeld.
Dries vertelt dat hij meteen wist dat hij ook zo wilde worden. Juist daarom kwam het nieuws extra hard binnen: Franklin overleed plotseling op het voetbalveld, nog maar 27 jaar oud. Die onverwachte dood sloeg volgens Dries een gat in zijn wereldbeeld.

Een onverwacht einde dat bleef kleven
Het verhaal bleef hem bij omdat het zo onlogisch aanvoelde. Franklin had niet lang daarvoor een blindedarmoperatie gehad. Daarbij zou een bloedpropje in zijn hersenen terecht zijn gekomen, met uiteindelijk fatale gevolgen, vertelt Dries over wat hij toen hoorde.
Voor de jonge Dries was het een schok: iemand die sterk en gezond leek, kon zomaar wegvallen. Hij zegt dat hij er tot dat moment nooit echt bij had stilgestaan dat het leven zomaar kan stoppen. Die realisatie liet volgens hem een litteken achter.
Paniekaanvallen die vooral ’s nachts toeslaan
Die oude angst werkt tot op de dag van vandaag door. Dries vertelt dat hij paniekaanvallen heeft, vooral in de nacht. Dan kan hij plots wakker schrikken, badend in het zweet, en volledig overmand worden door gevoelens die hij niet direct kan uitzetten.
Volgens hem duurt het dan zeker een halfuur om zichzelf weer “terug te vinden”. De aanvallen komen bij vlagen, zegt hij, en kunnen hem compleet verlammen. Juist dat onvoorspelbare maakt het zwaar: je weet niet wanneer het weer toeslaat.

Leven met angst, maar ook met een drang om door te gaan
Wat opvalt: ondanks die kwetsbaarheid staat Dries nog altijd in de actiestand. Waar de één zou verstijven, zoekt hij juist controle in beweging, discipline en gezondheid. Alsof hij tegen zichzelf zegt: zolang ik kan trainen en plannen, ben ik nog de baas.
Toch laat zijn verhaal ook zien dat angst niet verdwijnt door alleen maar hard te rennen. Het blijft een onderwerp dat schuurt, juist omdat het zo menselijk is. Wat vind jij: helpt praten hierover, of begrijp je dat Dries het liever wegduwt? Laat het weten via onze sociale media.
Bron: shownieuws.nl


