Wie Dries Roelvink de afgelopen jaren een beetje gevolgd heeft, weet: stilzitten past hem ongeveer net zo goed als fluisterend zingen in een stadion. Hij is al decennia een vaste verschijning in het Nederlandse entertainment, op televisie én vooral op het podium.

En nu veel leeftijdsgenoten langzaam richting ruststand schakelen, lijkt Dries juist het tegenovergestelde te doen. In een radio-interview liet hij dit weekend doorschemeren dat hij voorlopig nog lang niet klaar is met optreden.
Nog steeds volle agenda
In het NPO Radio 1-programma WNL In de Kantine vertelde Dries dat hij ondanks zijn pensioengerechtigde leeftijd niet van plan is ermee te stoppen. Sterker nog: zijn agenda zit nog altijd opvallend vol met optredens.
Dries is inmiddels 67 jaar en staat naar eigen zeggen nog zo’n tweehonderd keer per jaar op de planken. Dat is een tempo waar menig jonge artiest even van moet bijkomen, maar voor hem voelt het vooral als: lekker bezig blijven.
Thuiszitten is geen optie
Wat hem drijft, is niet alleen plichtsgevoel, maar vooral plezier. Hij benadrukte hoe leuk hij het nog vindt om op te treden en onder de mensen te zijn. De energie van een zaal blijft hem trekken.
Ook thuis is er weinig weerstand tegen zijn werkritme. Zijn vrouw moedigt hem juist aan om door te gaan. Volgens Dries is thuiszitten simpelweg niets voor hem—hij kan beter blijven doen waar hij blij van wordt.
‘Ik val wel een keer in het harnas’
Tussen de regels door zat ook iets typisch Dries: nuchter, een tikje dramatisch, maar vooral eerlijk. Hij zei dat hij zichzelf eerder ziet doorgaan tot het niet meer kan—dat hij “wel een keer in het harnas zal omvallen”.
Die uitspraak klinkt zwaar, maar past bij hoe hij zijn leven lijkt te benaderen: als je iets graag doet, waarom zou je dan vrijwillig op de rem trappen? Voor hem voelt stoppen niet als een beloning, maar als verlies van ritme.
Gezond blijven, maar ook genieten
Om het drukke leven vol te houden probeert Dries naar eigen zeggen veel te sporten. Fit blijven is belangrijk als je zoveel onderweg bent, vaak laat op de avond werkt en telkens weer “aan” moet staan voor publiek.
Tegelijkertijd is hij ook open over de minder strenge kant van zijn leefstijl. Hij gaf toe dat hij “veel wijn” drinkt. Dus ja: er wordt bewogen, maar er wordt óók genoten—op de manier die bij hem past.
De gedachte dat het stopt
Waar het gesprek echt persoonlijk werd, was toen Dries sprak over het einde van het leven. Hij noemde het beangstigend dat alles op een dag gewoon ophoudt. Dat idee blijft hem zichtbaar bezighouden.
Hij zei dat hij best angst voor de dood heeft en het vreemd vindt dat je er op een dag niet meer bent—en dan nooit meer terugkomt. Juist omdat hij zijn leven zo leuk vindt, voelt die gedachte hard.

Liefst 150, maar zo werkt het niet
Dries verwoordde het op zijn eigen manier: hij zou het liefst 150 worden. Niet omdat hij bang is voor ouder worden, maar omdat hij nog helemaal niet uitgekeken is op het leven, de muziek en de reuring eromheen.
Maar hij erkent ook meteen de realiteit: zo werkt het niet. En misschien is precies dát wat hem nu extra motiveert om door te gaan, zolang het kan—zolang hij kan zingen, reizen en zalen kan vullen.
Een artiest die blijft bewegen
Of je nu fan bent of niet, Dries Roelvink is iemand die zichzelf al jaren opnieuw uitvindt door simpelweg zichtbaar te blijven. Optreden houdt hem scherp, geeft structuur en levert hem ook een soort levenslust op.
Het interview laat vooral zien dat achter het bekende imago ook een mens zit die nadenkt over tijd, eindigheid en geluk. En zolang het lijf meewerkt, kiest Dries duidelijk voor een leven in beweging.

Praat mee
Wat vind jij: moet je blijven werken als je er plezier uit haalt, of is stoppen op tijd juist verstandig? En herken je die gedachte dat het leven zó leuk is dat het einde bijna onvoorstelbaar voelt?
Laat het ons weten en praat mee via onze sociale media—benieuwd hoe jij hiernaar kijkt.


